Skip to main content
It looks like you're using Internet Explorer 11 or older. This website works best with modern browsers such as the latest versions of Chrome, Firefox, Safari, and Edge. If you continue with this browser, you may see unexpected results.

Informatievaardigheden Midden Oostenstudies: Wetenschappelijke communicatie

Wetenschappelijke communicatie

Wetenschappers doen verslag van hun onderzoeksresulaten door het schrijven van tijdschriftartikelen, (bijdragen aan) boeken, het houden van presentaties en lezingen op congressen en door hun contacten met andere wetenschappers. Andere wetenschappers en onderzoekers, en ook studenten, nemen kennis van deze wetenschappelijke publicaties. Zij gebruiken de zo opgedane informatie voor eigen onderzoek of studie. Onderzoeksuitkomsten, vastgelegd in publicaties, kunnen worden weerlegd of bevestigd door herhaling van dat onderzoek en nieuw onderzoek bouwt erop voort.


Het gaat hier om een communicatieproces volgens het boekje, met een zender (de publicerende onderzoeker), een boodschap (het gepubliceerde onderzoeksresultaat) en de ontvanger (de lezer, toehoorder)  en zelfs een medium (boek, tijdschrift, lezing): wetenschappelijke communicatie.

 

Er kan onderscheid worden gemaakt tussen formele wetenschappelijke communicatie, zoals de eerder genoemde artikelen, boekbijdragen, boeken en congresbijdragen, en informele wetenschappelijke communicatie. Bij dat laatste gaat het over de informele contacten tussen wetenschappers onderling tijdens congressen en op hun werk wanneer zij met elkaar praten over hun onderzoek, of wanneer zij daarover contact hebben via e-mail of in briefwisselingen.

De producten van de formele wetenschappelijke communicatie zijn zoveel mogelijk bewaard en toegankelijk gemaakt in wetenschappelijke bibliotheken, archieven en databases. Daardoor kunnen wetenschappers in de loop van de tijd steeds opnieuw kennis nemen van en bijdragen leveren aan de voortgang van kennis en wetenschap. In nieuwe publicaties uit zich dit hierin, dat door middel van literatuurverwijzingen eerdere publicaties worden geciteerd.

Wetenschappelijke communicatie tegenover wetenschapscommunicatie

Wetenschappelijke communicatie gaat over de communicatie binnen de wetenschappelijke wereld, dus van wetenschappers onderling en eventueel tussen wetenschappers en hun studenten (kennisoverdracht). De verwante term Wetenschapscommunicatie wordt gebruikt wanneer wetenschappers zich richten op het grote publiek via algemene en publieke (massa)media. We spreken dan ook wel over popularisering van de wetenschap of 'outreach'. In de wetenschappelijke wereld wordt dit werk wel steeds belangrijker gevonden. Het maatschappelijk nut van wetenschappelijk onderzoek speelt een steeds belangrijker rol bij onderzoeksfinanciering ('kennisvalorisatie') en dus is het van belang dat er ook 'naar buiten toe' over onderzoeksresultaten wordt gecommuniceerd.

 

Behalve dat wetenschappers zelf werk maken van wetenschapscommunicatie bestaat er ook een professioneel veld van wetenschapsjournalistiek, tentoonstellingen en musea over wetenschap (bijv. Nemo in Amsterdam) en de productie van media over wetenschap (bijv. in het Infoversum in Groningen) waar werk gemaakt wordt van wetenschapscommunicatie. Overigens worden de termen wetenschapscommunicatie en wetenschappelijke communicatie wel door elkaar heen gebruikt.

Bewegingswetenschapper Prof. dr. Bert Otten (links) over Epke Zonderland in het televisieprogramma De Wereld Leert Door. Rechts presentator en wetenschapsjournalist Diederik Jekel.